Piet Pienter en Bert Bibber: Herrie om Carolus Magnus
Het verhaal
De oude professor Warhoofdt is overleden op z’n honderdenderde. Kumulus, vriend en oud-student van de professor, woont de veiling bij en koopt een Romeinse vaas als nagedachtenis van de overledene.
Ook de booswichten Jack Sweepsteak en Jean-Pierre tralala zijn er, maar dan met minder edele bedoelingen: zij willen uitvissen wie de Carolus Magnus-reeks koopt, de kostbaarste postzegelverzameling ter wereld. Maar de bandieten komen van een kale reis terug: de reeks wordt niet geveild…
Ondertussen wordt Kumulus bij de notaris geroepen die de erfenis van Warhoofdt beheert. Blijkt dat Kumulus de Carolus Magnus erft (de kostbaarste verzameling ter wereld… want in die tijd bestonden er nog geen postzegels!) Kumulus komt met zijn postzegelalbum thuis maar als spoedig krijgen de booswichten er lucht van en maken ze hem de plakkertjes afhandig.
De politie, voor een keertje eens niet Knobbel, vermoedt hier onmiddellijk de hand van Jack Sweepsteak en Jean-Pierre Tralala in. Deze verzinnen een list om de postzegels in het buitenland te krijgen. Een zwartharige schone wordt op straat aangevallen door twee heren. Gelukkig is daar Bert Bibber die de schavuiten op de vlucht jaagt en eigenhandig de postze… plannen voor een nieuwsoortig landbouwtuig richting Boulon zal smokkelen.
Bibber krijgt het uiteraard aan de stok met Sweepsteak & Co. Hij verstopt de plannen achter de spiegel. Bij een inbraak worden ze door de bandieten niet gevonden, waarna deze besluiten hem maar mee te nemen. Via een reporter verschijnt dit verhaal in de Gazet, waardoor Piet en Susan naar Boulon afzakken. Ondertussen wordt Bert “bevrijd” door de zwarte schone en geeft hij haar de “plannen” (“Bert Bibber is niet zo lomp als hij eruit ziet!”).
Wanneer Piet Jack ondervraagt, blijkt de ware toedracht van het verhaal. De zwarte Eleonore en Jean-Pierre Tralala zullen op eigen houtje de postzegels verkopen aan de multimiljonair Vanderwilt. Bij de verkoop ervan krijgt die multimiljonair echter een stevige pandoering en hij blijkt later geen kandidaat meer te zijn.
Eleonore heeft ondertussen het plan opgevat de postzegels aan Susan te verkopen (die is immers ook multi-miljonaire). Bert slaagt erin met het album en de centen weg te komen, maar bij de knokpartij die het gevolg is van de achtervolging door Sweepsteak en Tralala blijkt dat Eleonore zelf met de zegels weg is… Ze slagen erin de zegels te onderscheppen (alleen Susan lijkt opgewassen tegen de zwartharige) maar Sweepsteak en Tralala gaan met de zegels aan de haal.
Maar ondertussen hebben onze vrienden een plan beraamd. Bert Bibber wordt verkleed als miljonair, de boeven trappen erin en Kumulus krijgt zijn zegels terug. Alleen Theo Flitser heeft minder geluk: hij belandt na een slag van Bert in de struiken. Had nochtans niks verkeerd gedaan: alleen verteld over zijn nieuwe hobby, postzegels verzamelen.
Bespreking
Wat mij betreft is dit één van de sterkste albums uit de reeks. Op één aspect na (technologie) komen hier ook alle aspecten aan bod die Piet Pienter en Bert Bibber zo uniek maken: het sterke scenario, de actie, de heerlijk eenvoudige tekeningen. En ook de rol van het gelukkige toeval komt hier stevig uit de verf. Zo bijvoorbeeld het feit dat uitgerekend Bert Bibber richting Boulon trekt met het postzegelalbum (de “plannen”) als lading. En het feit dat er juist een reporter van “de Gazet” aanwezig is in het hotel waar Bert ontvoerd werd. Toch slaagt Pom erin dit allemaal geloofwaardig te maken binnen de grenzen van de magische realiteit van de strip.
Maar het beste in het album zijn de grapjes. De meest geestige “interventio auctoritas” (“dat met die zwarte kat is geen zuivere koffie – niet een bekend koffiemerk dat wél zuivere koffie is”), het hele gedoe met de froefroe van Susan,… Het feit dat het hele verhaal is opgehangen aan een absurditeit (postzegels uit de achtste eeuw) maakt het alleen maar grappiger. Een van mijn favorieten.

